Sportschooletiquette

Ik heb altijd met plezier gesport. Badminton was mijn favoriete sport, maar door een hardnekkige voetblessure moest ik daarmee stoppen. Sinds een half jaar zweet ik in de sportschool. Het is wel even wennen aan de omgangsvormen daar.

Ik houd van sporten. Maar als je wat ouder wordt en onderdelen van je lichaam sneller kapot gaan dan ze weer genezen, word je noodgedwongen wat verstandiger in het uitzoeken van je sport. Vandaar dat ik een half jaar geleden voor het eerst een abonnement op de sportschool heb genomen.

Die sportschool is bij mij in de buurt dus ik zou er eventueel best wel eens op de fiets naartoe kunnen. Je kunt er 24 uur per dag sporten. Elk lid heeft daarvoor een eigen ‘druppel’ waarmee je naar binnen kunt wanneer jou dat het beste uitkomt. Nou zal ik niet snel op het idee komen om ’s nachts te gaan sporten maar het feit dat het kan, zorgt er al voor dat je geen excuses meer kunt verzinnen om een keertje over te slaan.

Mijn eerste keer
Als je voor het eerst naar een sportschool gaat, moet je je snel de etiquette daarvan eigen maken. Kwestie van in de pas lopen, onder het maaiveld blijven, overleven.
Zo ook met je kleding. De eerste keer droeg ik mijn oude Asics zaalsportschoenen, witte sportsokken (Nike), een iets te breed hardloopshirt met korte mouwen (Athlete) en een korte sportbroek (Adidas). Ton-sur-ton zullen we maar zeggen.

Binnen vijf minuten wist ik dat de broek een inschattingsfout was. Er liep he-le-maal niemand in korte broek. Nou ja, er was een oude man die een korte broek aanhad maar dat was een gewone beige korte zomerbroek met riem en vier zakken. Gevalletje buitencategorie dus.

Wat dragen mensen dan in een sportschool? Dat varieert met de leeftijd. Jonge mannen dragen over het algemeen dikke lange trainingsbroeken. Je krijgt het benauwd als je het ziet. Wat oudere mannen dragen meestal van die lange korte broeken of korte lange broeken. Capri’s? Zien eruit of er een marmot zich wanhopig aan je kuiten klemt… Ik besloot de volgende keer voor een dunne lange hardloopbroek te gaan die ik nog had liggen.

Die volgende keer had ik ook mijn witte sportsokken vervangen door sneakersokken. Bingo. En in de sale bij Zalando had ik twee fitness T-shirts van Nike gekocht. O ja, en een zwart trainingspak van Adidas. Awesome! Een tip als je hetzelfde doet: trek je trainingsbroek niet zo hoog op dat ie comfortabel zit maar laat hem bewust zo belachelijk laag op je heupen hangen dat je broek beneden in ieder geval tot je enkels reikt. ‘Tis het model hè…’

Omgaan met andere sporters
Ik ben gewend om mensen te groeten als ik ergens binnenkom. In een sportschool ligt dat iets genuanceerder. Mijn sportschool heeft een gemengd publiek. Er is jong, grijs en oud. Je snapt wel wat ik bedoel. Ik val zelf in de categorie grijs. Je bent grijs tot het moment dat je gebreken eerst opvallen en dan pas je grijze haar. Dan ben je oud.

Bij komen en gaan groeten grijs en oud elkaar vriendelijk. En grijs en grijs. En oud en oud. Man groet man en vrouw. Vrouwen doen hetzelfde. Vaak wordt er een praatje gemaakt. Tot dusver niets aan de hand dus. Maar met de categorie ‘jong’ erbij wordt het wat ingewikkelder.

Communiceren met de categorie ‘jong en man’
Jonge mannen in de sportschool zijn te herkennen aan hun dikke trainingsbroek, enorme koptelefoon om de nek of over de oren en vaak een petje. Mobieltje is vanzelfsprekend.
In de sportschool leven jonge mannen in een eigen wereld. Ze kijken zo serieus dat het lijkt of ze echt ergens mee bezig zijn. Jij komt er voor je conditie maar zij streven een hyperconditie na. Vaak doen ze ingewikkelde oefeningen waarvan je helemaal niet wist dat een apparaat daarvoor geschikt of bedoeld was. En een lichaam al helemaal niet. Dan hebben ze net de nieuwste Quest gelezen: hun lijfblad.

Jonge mannen merken je aanwezigheid niet op totdat ze over je struikelen of het ze duidelijk wordt dat je tegen ze spreekt. Groeten is daarmee altijd een beetje een gok. Ik raad je aan om het toch te doen en tevreden te zijn met de keren dat ze teruggroeten. Ze bedoelen het niet kwaad, je bent gewoon geen ‘person of interest’.

Communiceren met de categorie ‘jong en vrouw’
Jonge vrouwen vormen voor mij de moeilijkste categorie in de sportschool. Ik begeef me vast op glad ijs door erover te schrijven. Daarom doe ik het toch. Ik deel jonge vrouwen in de sportschool altijd in twee categorieën in: de zweters en de niet-zweters. Beide categorieën kleden zich uiterst strak. Een tanktop en knelstrakke stretchbroek zijn verplichte kleding. Hun mobieltje is het enige dat niet afkleedt.

Zweters
Zwetende vrouwen in de sportschool zijn het leukst. Je kunt ze goed vergelijken met de categorie jonge mannen en ze net zo behandelen. Ze zijn ‘one of the guys’; ze komen voor hun conditie en als je geluk hebt, denken ze over jou hetzelfde. In dat geval kun je ze gewoon groeten en krijg je vaak een vriendelijke groet én een glimlach terug.

Niet-zweters
De categorie jonge vrouwen die niet zweten in de sportschool is het lastigst. Ten eerste vraag je je af wat ze in hemelsnaam in een sportschool komen doen als ze er niet van gaan zweten, maar goed. Erger is dat je geen contact met ze krijgt. Als je iemand tegenkomt maak je in de regel oogcontact om te zien of je naar het volgende honk kunt: gedag zeggen. Bij deze vrouwen lukt dat niet. Ze ontwijken je blik en trekken tegelijkertijd een gezicht of je een heel smerig reptiel bent. Nou snap ik wel dat jonge vrouwen het niet makkelijk hebben qua aandacht van ongewenste mannen (categorieën grijs en oud) maar hee, we zijn in een sportschool; we zweten, we stinken en alles doet pijn. Dat is een van de schaarse momenten dat een man eens niet met dat andere onderwerp bezig is.

Maar ondanks dit laatste ieniemienie minpuntje ben ik dik tevreden over de sportschool. Ik vind het een goede én toegankelijke manier om mijn lijf in conditie te brengen en houden.

ton

© snolite 2018
Delen? Graag!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *